Toegepaste AI EN
voor onderwijs

Onze vakken passen ook in jouw opleiding

We bouwden dit AI-onderwijs voor HBO-ICT'ers die al werken. Maar toen we keken wat er nu écht in die vakken zit, viel iets op: weinig ervan is ICT-eigen. En de manier waarop we lesgeven al helemaal niet. Wat hier staat mag je gebruiken.

de aanleiding

De hybride wereld van mens én agent

Onder invloed van AI — en vooral van agentic AI — verandert de rol van de medewerker. Wie vroeger het werk zelf deed, stuurt straks een ploeg agents aan: opdracht geven, resultaat wegen, ingrijpen waar het misgaat, en verantwoordelijk blijven voor wat eruit komt. Dat is geen bestaande functie met een gereedschap erbij. Het is een andere functie.

Een opleiding die daarop bijschaaft, loopt achter. Wij hebben er daarom niet één vak aan toegevoegd, maar de hele keten opnieuw doordacht — van de vraag wie we afleveren, via wat we daarvoor moeten onderwijzen en hoe onze eigen docenten die omslag maken, tot het materiaal waarmee ze voor de klas staan. Elk van die vier stappen heeft zijn eigen methode.

stap 1 · de profielen

Orgith

De naam komt uit het Grieks: organon — werktuig, instrument. Het woord waarmee Aristoteles zijn eigen denkgereedschap aanduidde. Als enige van de vier geen Latijn, en dat is precies goed: waar Nascith en Crescith beschrijven wat er gebeurt, benoemt Orgith het instrument. Orgith is het organiseren van mens, werk en agents tot één samenhangend systeem.

Met de methode Orgith hebben we de uitstroomprofielen van de opleiding opnieuw gedefinieerd, expliciet voor die agentic werkelijkheid. Niet: welke taken doet een afgestudeerde straks. Maar: welke taken doet hij nog zélf, welke belegt hij bij agents, en waar ligt de grens waarop hij moet kunnen ingrijpen. Uit dat onderscheid volgt een ander beroepsbeeld — en dus een ander profiel.

orgith.com →

stap 2 · het curriculum

Nascith

De naam komt van het Latijnse nascī: geboren worden, ontstaan, groeien, worden. Het is een deponens — een werkwoord dat passief klinkt maar actief betekent, en dat past: wording overkomt een opleiding niet, een opleiding doet het. Nascith gaat over dat ontstaan — geen onderwijs dat wordt bijgesteld, maar onderwijs dat opnieuw wordt geboren.

Met Nascith is het curriculum vervolgens herontworpen op die nieuwe profielen. Dat is bewust geen kaalslag geweest. Elk vak is teruggebracht tot zijn kernwaarde — wat het werkelijk bijdraagt aan het profiel — en die kern is behouden. Wat eromheen zat aan gewoonte en historie is losgelaten. Zo verschuift het curriculum zonder dat de opleiding haar fundament kwijtraakt.

nascith.com →

stap 3 · de docenten

Crescith

Afgeleid van het Latijnse crescere: groeien, toenemen, sterker worden. Hetzelfde woord dat doorklinkt in de wassende maan, de crescent — en dat is precies de beweging: niet in één keer groter, maar gestaag toenemen. Crescith is groeien dóór verandering — het vermogen van mensen en organisaties om mee te groeien met agentic AI.

Een herontworpen curriculum is niets waard als de docenten het niet dragen. Met Crescith is bepaald hoe het veranderproces voor hen is ingericht — de management of change. Wie moet wat leren, in welke volgorde, met welke steun, en hoe je omgaat met de docent die zijn vak ziet veranderen onder zijn handen. Dit is het deel dat elders meestal wordt overgeslagen.

crescith.kuikconsult.com →

stap 4 · het materiaal

Scribith

De naam komt van het Latijnse scribere: schrijven. Oorspronkelijk een ruw woord — krassen, griffen, lijnen zetten in was of steen. Schrijven was eerst een handeling, pas veel later een product. Dat past hier: Scribith gaat niet over teksten die af zijn, maar over het telkens opnieuw inkerven van wat een vak op dít moment moet overdragen. Als enige van de vier benoemt het geen beweging maar een ambacht.

Wat de docent voor de klas gebruikt — de reader, de casus, het tentamen — is geschreven vóór de agentic werkelijkheid. Niet fout, wel gedateerd. Met Scribith herschrijft de docent dat materiaal zelf: de bestaande reader en bronnen gaan erin, de structuur blijft staan, en de AI bewaakt wat een mens over honderd pagina's kwijtraakt — consistentie, opbouw, begrippen. Wat eruit komt is geen bestand maar een bron: reader, presentatie of werkboek, in de vorm die de les nodig heeft. Anders blijft de hele verandering op papier staan.

scribith.kuikconsult.com →

"Niet een vak erbij. Een ander beroep om voor op te leiden."

de vakken

AI is geen ICT-vraagstuk meer

De verpleegkundige die wil weten of ze een AI-triagemodel mag vertrouwen, de logistiek planner die zijn forecast ziet afwijken, de communicatieadviseur die betrapt wordt op een gehallucineerde bron — die vragen lijken meer op elkaar dan op iets technisch. Ze gaan over data die niet klopt, over modellen die je niet doorgrondt, en over de vraag wie er verantwoordelijk is als het misgaat.

Dat is precies waar onze vakken over gaan. Ze zijn geschreven voor mensen met een werkpraktijk, niet voor mensen met een informatica-vooropleiding. Je kunt ze bij een andere opleiding neerzetten zonder ze uit te kleden.

Eén keuzemodule

Pak er één vak uit — datageletterdheid, of AI-ethiek — en zet het als keuzeruimte weg. De kleinste stap, en meteen zichtbaar voor studenten.

Een minor

Combineer een handvol vakken tot een samenhangende minor voor je eigen domein. Wij denken mee over welke vakken bij welke beroepspraktijk passen.

Een hele leerlijn

Bouw AI structureel in je curriculum in, van eerste kennismaking tot afstudeeropdracht. Dit is wat wij hebben gedaan — en waar we het meest van geleerd hebben.

Bekijk alle vakken en wat je er precies leert →

de aanpak

AI is hier niet alleen het onderwerp — het is het leermiddel

Dit is het deel dat we het liefst doorgeven, want het is het deel dat de meeste opleidingen nog voor zich hebben. Bij ons is AI niet alleen dát waarover de les gaat; het is ook waarmée de les gegeven wordt. In elke les werken studenten met bots: bots die uitleggen, feedback geven, tegenspreken, en met je oefenen tot het zit.

Dat is geen technische snufje bovenop bestaand onderwijs. Het verandert wat er in een lesuur past. En het heeft één effect dat elke opleidingsmanager onmiddellijk begrijpt: het tempo waarin studenten vaardigheden opbouwen gaat omhoog — niet een beetje, maar een orde van grootte.

Een eigen bot per leertaak

Geen alleskunner, maar vijfentwintig typen die elk één ding doen — twintig voor de student, vijf voor de docent. Theoriebots die de stof op niveau uitleggen. Socratesbots die het antwoord juist niet geven. Feedforward- en rubricbots. Rollenspel- en mondelingbots. Reflectie- en teambots. Wie de bot bouwt voor de leertaak in plaats van andersom, krijgt onderwijs dat werkt.

Vaardigheden krijgen eindelijk oefentijd

Hier zit de echte versnelling. Presenteren, een kritische toezichthouder te woord staan, een directielid overtuigen — dat waren altijd de dingen waar een student twee keer per jaar aan toekwam, want een oefenpubliek kost mensen. Rollenspel- en voice bots maken herhaling gratis. Wat ooit twee pogingen was, zijn er nu twintig.

Feedback vóór het inleveren, niet erna

Feedforward bots wijzen aan wat beter kan zolang de student er nog iets mee kán. Elke versie wordt daarmee een leermoment in plaats van een inleverbeurt. Dat is de motor achter het portfolio: veel kleine correcties, geen enkel beslissend examen.

De docent komt vrij voor het oordeel

Wat een bot kan — uitleggen, herhalen, drillen, nakijken op vorm — hoeft de docent niet meer te doen. Wat overblijft is precies waar hij onvervangbaar is: wegen of het klopt, of het deugt, en of het goed genoeg is voor de praktijk waar hij zelf nog in staat. Dat vraagt wel iets van docenten, en daar hebben we een apart traject voor ingericht.

Er zit nog een tweede laag onder. Onze afgestudeerden moeten straks agents aansturen — opdracht geven, resultaat wegen, ingrijpen. Ze leren dat door drie jaar lang zélf met agents te werken. De vorm van het onderwijs is alvast het beroep.

"Het curriculum is te kopiëren. De versnelling zit in hoe je lesgeeft."

Bekijk alle bots waarmee onze studenten leren →
Lees onze onderwijsvisie →

de bottypen

Drie assen, niet één lijst

Een bot is bij ons geen keuze uit een lijst, maar een combinatie van drie onafhankelijke assen: wat doet hij didactisch, hoe praat je ermee, en welke cursusdata leest hij mee. De assen vermenigvuldigen — dat scheelt tientallen bijna-identieke typen en houdt het geheel uitlegbaar voor een docent.

AsAntwoordt opWaarden
Bottype Wat doet de bot didactisch? 25 typen — 20 voor studenten, 5 voor docenten
Modaliteit Hoe communiceer je ermee? tekstspraakbeide
Bron Welke cursusdata leest hij? CanvasBoekenHBO-ISharePoint
meerdere tegelijk mogelijk

Voorbeeld. Een gesproken oefenmondeling voor Onderzoeksvaardigheden dat de HBO-I-competentiematrix erbij pakt, is een mondelingbot met modaliteit spraak en bron HBO-I — geen apart type. Elke bot hangt aan één vakaanbieding, heeft een eigen systeemprompt die de docent herziet en versioneert, en een moment waarop hij voor studenten opengaat.

Twintig typen voor de student

Geordend naar het moment in het leerproces. Per type ligt er een expliciete grens vast: wat de bot bewust níét doet. Die grens is didactisch, niet technisch — hij staat er zodat de student het leerwerk zelf blijft doen.

  1. Oriëntatie en diagnose

    Intakebots

    1 type
  2. Uitleg en begrip

    Course bots · Theoriebots · Taalbots

    3 typen
  3. Oefenen

    Socratesbots · Casusbots · Rollenspelbots · Retrievalbots · Debatbots

    5 typen
  4. Feedback op werk

    Feedforward bots · Rubricbots · Peerreviewbots · Schrijfbots · Codereviewbots

    5 typen
  5. Toetsing en verantwoording

    Toetsbots · Mondelingbots · Verdedigingsbots

    3 typen
  6. Reflectie en begeleiding

    Reflectiebots · Stagebots · Teambots

    3 typen

Bekijk alle twintig met hun grens →

Vijf typen voor de docent

Deze vijf zijn niet voor studenten bedoeld; ze ondersteunen het ontwerpwerk van de docent. De grens ligt hier steeds op hetzelfde punt: de bot levert een concept, de docent blijft verantwoordelijk.

Ontwerpen toetsitems die aansluiten op een leerdoel en het bedoelde Bloom-niveau.

Grens: levert concept-items; de docent blijft verantwoordelijk voor validiteit, normering en inzet.

Meer over dit bottype →

Bouwen een rubric vanuit de leerdoelen, met criteria en onderscheidende niveaubeschrijvingen.

Grens: stelt geen normering of cesuur vast en bepaalt niet welk niveau een voldoende is.

Meer over dit bottype →

Controleren de constructive alignment: sluiten leerdoel, werkvorm en toetsvorm op elkaar aan?

Grens: signaleert misalignment en legt uit waarom, maar beslist niet en herschrijft niets.

Meer over dit bottype →

Ontwerpen werkvormen en lesplannen per les of blok, passend bij leerdoel en contacttijd.

Grens: houdt rekening met de contacttijd en verzint geen bronnen, literatuur of tools.

Meer over dit bottype →

Vatten veelgestelde vragen uit chatlogs samen tot een lessignaal voor de docent.

Grens: werkt alleen geaggregeerd en rapporteert nooit iets dat herleidbaar is tot een individuele student.

Meer over dit bottype →

Bestandsupload — negen typen accepteren een ingeleverd bestand, omdat ze werk van de student bespreken: feedforward-, rubric-, peerreview-, schrijf-, codereview- en verdedigingsbots, en aan docentzijde rubricontwerp-, curriculum- en analysebots.
Websearch — alleen lesontwerpbots zoeken op het web, om een bron te kunnen controleren vóór ze hem noemen.

"Elke bot heeft een grens. Die grens is didactisch, niet technisch."

de toolset

De Applied AI Workbench

Een bot per leertaak klinkt aardig, maar het valt of staat bij de vraag wie die bots bouwt en wie ze bijhoudt. Daarom ligt er onder onze aanpak een complete toolset: de Applied AI Workbench. Daarin maak je bots en agents voor elk vak — van lesbot tot rollenspelbot — en houd je ze daarna ook in de lucht.

Een docent bouwt er een bot zonder te programmeren, test hem voordat een student hem ziet, en zet hem in één handeling klaar in de les. Geen losse prompts in een chatvenster die niemand terugvindt, maar bots met een eigenaar, een versie en een plek in het curriculum.

Bouwen per vak

Elke bot hangt aan een vak en aan de leerdoelen daarvan, gevoed met de opleidingsdata en het lesmateriaal die er al zijn. Hij antwoordt binnen de kaders van dát vak.

Testen vóór de les

Een bot gaat pas de klas in als hij is uitgeprobeerd. In de testomgeving leg je hem de lastige vragen voor en stel je bij — niet nadat dertig studenten al een raar antwoord kregen.

Lifecycle management

Vakken veranderen, dus bots veranderen mee. Versies, eigenaarschap en intrekken zitten in de tool. Een bot die niet meer klopt, verdwijnt — in plaats van dat hij nog jaren blijft rondzwerven.

Deployment

Van bouwen naar beschikbaar-in-de-les is één stap. De bot verschijnt daar waar de student al werkt, met de juiste rechten, zonder dat een docent iets hoeft te installeren.

Koppeling met je LMS

De Workbench koppelt volledig met een LMS als Canvas. Vakken, modules en lesmateriaal komen daaruit, dus verandert het materiaal, dan verandert de bot mee. Geen tweede plek waar je alles opnieuw moet bijhouden.

Scherm van de Applied AI Workbench, met bovenin de menubalk Opleiding, School, Opleiding Data, Canvas, Bot data, Intake, Bot admin, Bot testen, Deploy, Boeken en Agentic Education, en in het midden de kaart Applied AI Workbench — Build. Test. Orchestrate. Deliver impact.
De Applied AI Workbench: opleidingsdata, bots bouwen, testen, deployen en beheren — in één omgeving. Build. Test. Orchestrate. Deliver impact.

"Een bot per leertaak houdt alleen stand als er een werkplaats onder ligt."

contact

Bel of mail Mark of Wiemer

Wij namen het initiatief voor deze opleiding en staan zelf voor de groep. Wil je een vak overnemen, een minor opzetten, of gewoon eens sparren over hoe je AI in je curriculum krijgt — schrijf ons. Er hangt geen offerte aan een eerste gesprek.

Lees waarom we deze opleiding begonnen →

Voor collega-opleidingen

Zullen we een keer praten?

Vertel waar je opleiding staat met AI. Wij vertellen wat bij ons werkte, en wat niet.

onepager voor onderwijs (pdf)